Background Image

Nieuws

09 October 2018

 

Talking about trauma


Een Challenge Day is een dag vol emotie: plezier, vreugde, elkaar positief stimuleren, maar ook vaak confrontatie met verdriet, rouw en trauma. Een Challenge Day probeert deelnemers op een andere manier naar elkaar te laten kijken, hen te laten kijken naar wat ze gemeen hebben met elkaar in plaats van wat hen verschilt. Een Challenge Day streeft ernaar dat deelnemers naar elkaar leren kijken met begrip, empathie en zelfs liefde, dit door zaken van zichzelf te delen op een rechtstreekse of onrechtstreekse manier. Critici beweren dat het delen van eigen ervaringen of traumata enkel zorgen voor meer uitsluitgedrag en een hertraumatisering. Wij legden de vraag voor aan een kinder- en jeugdpsychiater, die tevens werkt als traumatherapeut. Challenge Day: Wij vallen direct met de deur in huis, wij gaan er van uit dat het helend kan zijn om te spreken, om traumata en ervaringen te delen. Hoe zit het nu dokter? Is het nu goed of slecht om te spreken op een Challenge Day? Dr. Verpraet: Laat het ons houden dat het antwoord niet zwart-wit is. Ik zou echter als leidraad willen meegeven dat er een groter gevaar schuilt in blijven zwijgen over je eigen – traumatische – ervaringen dan er een gevaar schuilt in het delen. Een bekend kinder- en jongerentraumatherapeute, mevr. Struik Arianne, heeft als stelling dat, als je jongeren wil vooruithelpen in hun ontwikkeling, je slapende honden MOET wakker maken. Prof. Dr. Van Der Kolk, dé wereldautoriteit als het gaat over trauma, schrijft dat in stilte blijven gelijk staat aan langzaam dood gaan. C.D.: Waarin zit dan het voordeel van zaken te delen? Dr. Verpraet: Therapeuten weten al langer dat mensen die traumatische gebeurtenissen hebben meegemaakt een nood hebben om te praten. Typisch gaat dit over het ‘sociaal delen’, het delen van de feiten van wat gebeurde. Dit maakt mensen niet beter, maar ook niet slechter. Het echte verschil zit er in wanneer er een ‘sociaal delen van emoties en beleving’ kan gebeuren. Wanneer je feiten kan benoemen, maar ook wat het met je deed, én hier volgt een neutrale begrijpende houding op, dan pas kan dit helend zijn. Deze combinatie van het sociaal delen van emoties en écht gehoord worden werkt verbindend en kalmerend, twee zaken die getraumatiseerde mensen weinig ervaren, want velen voelen zich alleen met een overactief stresssysteem. C.D.: een Challenge Day is natuurlijk geen therapie, hoe zit het dan met kort enkele zaken uit je leven delen in groepen? Dr. Verpraet: Dat er kort gedeeld wordt is een voordeel. Ten eerste zorgt dat er voor dat je niet volledig terug de traumatiserende emotie beleeft. Ten tweede is het goed dat jongeren hun aandacht na hun verhaal kunnen richten op iets anders. Eigenlijk zijn er twee belangrijke voorwaarden voordat je trauma’s kan beginnen verwerken. Ten eerste moet je erkennen dat wat je hebt meegemaakt een probleem is. Voor de meeste jongeren die erge dingen hebben meegemaakt is dit wel het geval, maar velen blijven echter in isolement met hun geheim. Een tweede voorwaarde is dat je er begint over te praten. Als jongeren praten over hun trauma’s (en vaak is dit ‘sociaal delen’ zoals eerder beschreven) op een Challenge Day, dan is dat feit op zich niet therapeutisch, maar is het wel hét teken dat er eindelijk aan verwerking kan begonnen worden. C.D.: Heeft het delen dan geen effect? Dr. Verpraet: Oooh, jawel hoor. Het grootste effect zit in de steun die jongeren daarna krijgen van anderen. De meest krachtige beschermer tegen chronische effecten van trauma is het hebben van een steunnetwerk. C.D.: Maar u wilt ook meegeven dat er een gevaar zit in het delen van je eigen kwetsbaarheden. Dr. Verpraet: Ik wil inderdaad zeker wijzen op een gevaar. Maar zoals velen vaak aangeven zal het gevaar niet zozeer liggen in het delen van een ervaring op zich, maar vooral afhangen van de reactie van anderen. Mensen die een trauma niet verwerkt hebben zitten sowieso in een continue stresssituatie, hun hersenen en lijf reageren vaak nog dagelijks in dezelfde stresstoestand als op het moment dat ze getraumatiseerd werden. Een korte schets van hun verhaal, zoals vaak op een Challenge Day gebeurt, zal daar niet veel aan veranderen. Het gevaar zit in de reactie van anderen. Hoezeer je de mogelijkheden hebt om anderen te helpen, zozeer heb je als medemens de mogelijkheid om anderen volledig te vernietigen. Als het delen van emoties leidt tot stigmatisatie, uitsluiting, super-emotionele reacties van anderen (waarbij diegene die vertelt bijna de luisteraar moet gaan troosten) en het botsen op een muur van niet gehoord worden, dan is er zeker een risico. Het risico zit hem hier in het feit dat een eerste stap richting verwerking werd beantwoord met een deur tegen het gezicht, met als ergste gevolg dat deze mensen overtuigd worden dat het beter is te zwijgen, waardoor ze nog jaren in dezelfde stress toestand kunnen blijven verkeren, met alle gevolgen van dien, want ons lichaam kan maar een bepaald niveau van stress aan. C.D.: Is het dan aangewezen dat de leader en volwassenen zelf met hun kwetsbaarheden naar voor komen? Dr. Verpraet: Het feit dat de leaders zelf hun verhaal doen heeft meerdere voordelen. Een belangrijk voordeel is dat de aanwezigen al voelen en horen dat ze niet alleen zijn met een pijnlijk verhaal. Laat ons zeggen dat er twee bepalende factoren zijn om een traumatische gebeurtenis in een trauma te laten evolueren: op het moment van trauma zelf geen invloed hebben op de situatie (machteloosheid) en het niet hebben van steun tijdens of kort na het trauma. Als volwassenen of leaders zelf hun verhaal brengen kan dit al een eerste stap betekenen in het herstelproces, namelijk het gevoel krijgen dat je niet alleen bent. Het gevoel hebben niet alleen te zijn is een steunfactor. C.D.: U stelt dus dat het verhaal van de leaders geen trauma’s opwekt? Dr. Verpraet: Ja dat zeg ik. Kijk, ofwel zijn jongeren niet getraumatiseerd, dan kan je enkel hopen dat ze empathisch kunnen luisteren en merken dat ze het eigenlijk zo slecht nog niet hebben. Ofwel zijn jongeren wel getraumatiseerd en ervaren ze erkenning, het gevoel niet alleen te zijn en zelfs steun. Ofwel zijn jongeren in die mate getraumatiseerd dat hun trauma zelfs in het dagelijks leven niet te dragen valt, dan zullen ze bepaalde stukken ‘dissociëren’, verdringen, vergeten, onderdukken. Dit is echter geen bewust proces, maar een beveiligingsmechanisme van de hersenen. Als dit laatste het geval is, dan zal een verhaal van een ander er niet plots voor zorgen dat er opnieuw traumata worden geheractiveerd. Ook het risico op secundaire traumatisatie (getraumatiseerd geraken door de verhalen van anderen bijvoorbeeld) lijkt me heel klein omdat de Challenge Day leaders vaak heel lang nadenken wat en hoe ze hun verhaal kunnen brengen. C.D.: Kan u nog enkele tips meegeven voor onze Challenge Day Leaders betreffende zaken delen? Dr. Verpraet: Jongeren dienen meerdere malen die dag mee te krijgen dat het kan helpen om te delen, maar dat ze zelf kiezen wat ze delen, niets hoeft. Jongeren moeten vooral meekrijgen dat ze het zelf OK moeten vinden, dat hun lijf wel zal aangeven wanneer het beter is niet te delen. Een belangrijke factor om het wel of niet te doen is de stressfactor, wanneer jongeren voelen dat hun stressniveau al maximaal is wanneer ze nog maar denken aan vertellen, is het beter dat ze het niet doen. Wanneer jongeren hun verhaal delen is het van belang dat de begeleidende volwassene beseft dat hij of zij een cruciale rol heeft. De volwassene die mee begeleidt in kleinere groepen dient mee te geven én voor te tonen dat er echt geluisterd wordt, zonder vooroordelen, zonder commentaar. Volwassenen dienen hierbij te streven naar het zelf uitstralen van rust. Wanneer een jongere zijn verhaal kan doen in een omgeving van waarlijke luisterbereidheid, empathie en steun, dan pas kunnen zaadjes gelegd worden om naar volledig herstel toe te werken. C.D.: kan u dat alles samenvatten in 1 regel? Dr. Verpraet: Niet zozeer het vertellen op zich, maar het ervaren van steun, begrip en erkenning kan helend werken als je jouw verhaal vertelt en kan een belangrijke factor zijn om effectief met traumaverwerking te starten.


> TERUG naar het nieuwsoverzicht